Top 100 van nul nul. Nummer 66 t/m 70
Nummer 66: Sometimes You Hear Through Somebody Else - Cranebuilders (2005)
Somber, melancholisch en met een fikse Velvet Underground-tik. Zelfs de stem van de zanger heeft dezelfde geruststellende uitwerking als die van Lou Reed. Deze indieband komt echter niet uit New York, maar uit Liverpool en heeft zich genoemd naar de plaatselijke platenwinkel waar de leden elkaar ontmoet hebben.
Nummer 67: Arular - M.I.A. (2005)
Jong en oud danste in de zomer van 2005 op deze plaat in huize Planet Trash. Tamil Tijgers, electroclash, revolutie, hip hop, punk en militante teksten. M.I.A. (Mathangi "Maya" Arulpragasam) is een dame naar mijn hart en ze maakt met haar guerrilla-aanpak van Arular de soundtrack van deze zomer.
Nummer 68: Cheap Time - Cheap Time (2008)
Zoals de meeste goede punkplaten worden de nummers, veertien in dit geval, binnen een half uur afgewerkt. Nergens wordt er echter geragd om het raggen. Novak heeft het met zijn maten voor elkaar gekregen een uitstekende plaat af te leveren door de drie-eenheid punk, garagerock en new wave subtiel met elkaar te laten verweven. Ondanks dat de plaat relatief simpel klinkt zijn er vele lagen te ontdekken. Dit maakt de plaat naast subversief ook uiterst intelligent.
Nummer 69: Here Comes The Heartattacks - The Heartattacks (2005)
Op P.Trash Records is dit decennium veel leuk spul uitgekomen. Vooral in de categorie punk en garagerock. Het uit Zweden afkomstige The Heartattacks combineert beide stijlen met als resultaat een killer van een garagepunkplaat Here Comes The Heartattacks. Een plaat waar het plezier aan alle kanten vanaf spat. Zo moet dat dus.
Nummer 70: The Attraction To All Things Uncertain - Tweaker (2001)
Tweaker is het soloproject van Chris Vrenna die zijn sporen in de jaren '90 vooral verdiende als drummer van Nine Inch Nails. Op zijn eerste soloplaat werkt hij samen met o.a. David Sylvian, Craig Wedren en Will Oldham. Donkere elektronica met vleugjes NIN-industrial geeft een fraai resultaat.